ToP opleiding

 

Het ToP programma ondersteunt het vroeggeboren kind én zijn of haar ouders gedurende het zo belangrijke eerste levensjaar. Dit programma wordt uitgevoerd door kinderfysiotherapeuten die daarvoor een speciale opleiding hebben gevolgd. Kinderfysiotherapeuten met belangstelling voor deelname aan het ToP programma vinden hieronder de benodigde informatie.

 

Inleiding

De ervaringen die het kind gedurende het eerste levensjaar opdoet hebben direct effect op de groei en ontwikkeling van de hersenen en daarmee op het toekomstig functioneren van het kind. Vanuit de veiligheid van een responsieve relatie met hun ouders en door op een speelse manier te experimenteren leert een kind zijn omgeving kennen en zich aan te passen aan veranderingen.

Gedurende het eerste levensjaar gebruiken kinderen vooral hun sensomotorisch systeem om hun omgeving te onderzoeken. De lichamelijke, sensomotorische, mentale en sociaal-emotionele ontwikkeling is echter sterk verstrengeld. Goede groei en gezondheid en een stabiel slaap-waak ritme vormen de basis voor het kind om zich open te kunnen stellen voor de omgeving, om er aan deel te kunnen nemen en ervan te leren. Het stil kunnen houden van bewegingen is een belangrijke voorwaarde voor het opzoeken van en afstemmen op informatie. Maar het kind moet zich ook tijdig kunnen afsluiten van prikkels om stress te voorkomen en rust kunnen nemen zodat adequate groei of herstel plaats kan vinden. De verschillende neurofysiologische systemen werken daarbij als een ‘team’ samen. Het mechanisme dat de verschillende systemen laat samenwerken in reactie op de omgeving noemt men ook wel zelfregulatie. Zelfregulatie wordt tegenwoordig gezien als de basis voor het welbevinden en de ontwikkeling van het jonge kind.

Het jonge kind neemt vanaf de geboorte initiatieven om te onderzoeken of om zich aan te passen. Het heeft echter zijn ouders nodig om zijn vroege explorerende en zelfregulerende pogingen tot volle ontwikkeling te laten komen. Ouders die hun kind aanmoedigen om hun omgeving actief te onderzoeken, die hun kind steunen en positief sturen zodat die experimenten succesvol zijn, helpen hun kind om gaandeweg meer controle over zijn functies te krijgen en om steeds meer coherente en complexe interacties aan te gaan met de wereld om zich heen. Voor ouders is het volgen en begrijpen van het gedrag van hun kind daarbij van fundamenteel belang.

Tussen vroeggeboren kinderen en hun ouders komt een dergelijke responsieve relatie minder gemakkelijk tot stand, omdat deze kinderen minder duidelijk en minder effectief zijn in hun gedrag. Veel vroeg geboren baby’s hebben slaap of voedingsproblemen, moeite met hun houdingscontrole en met het ontspannen en aandachtig onderzoeken van hun omgeving. Dat kan gevolgen hebben voor het deelnemen aan interacties met hun ouders, voor het onderzoeken van hun omgeving en voor de mogelijkheden van het kind om hun indrukken te verwerken en ervan te leren. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat deze vroege problemen gerelateerd zijn aan de ontwikkelingsproblemen van  vroeg geboren kinderen, die zelfs op jong volwassen leeftijd nog zichtbaar zijn.

Bovendien is het welbevinden van de ouder zelf vaak beïnvloed is door de vroeggeboorte. Zij hebben vaak meer stress, zorgen, of gevoelens van neerslachtigheid dan ouders van op tijd geboren kinderen. Dit kan de biologische processen belemmeren die nodig zijn om goed af te stemmen op de verwachtingen van hun kind. 

Het ToP programma versterkt primair de responsieve relatie tussen ouder en kind. Want responsiviteit van de ouder is essentieel voor jonge kinderen om, met behoud van de interne balans, te kunnen deelnemen aan de dagelijkse activiteiten. Tijdens gezamenlijke observaties helpt de ToP kinderfysiotherapeut de ouders het gedrag van hun kind bewust te volgen. Samen onderzoeken zij wat het kind tot stand probeert te brengen, wat het zelf kan en waar het hulp bij nodig heeft. Ouders worden vervolgens aangemoedigd om de initiatieven van hun kind te ondersteunen en/of de omgeving aan te passen aan de behoeften van hun kind. Ouders leren dus hulp te bieden wanneer dat nodig is, maar ook los te laten wanneer het kan.

Het ToP programma is gebaseerd op een integrale (holistische) visie. Dit betekent dat er niet alleen aandacht is voor de problemen die het kind of zijn ouder heeft, maar ook voor hun sterke kanten en zelfregulerend of zelfherstellend vermogen. Ook ontwikkeling wordt op een integrale manier benaderd. De onderlinge samenhang tussen de verschillende aspecten van de ontwikkeling, zoals voeding, gezondheid, motorische, zintuiglijke, sociaal-emotionele, cognitieve en spraak-taal ontwikkeling, wordt daarbij erkend. Dit wordt ook wel ‘ontwikkelingsgerichte’ ondersteuning genoemd. Het houdt in dat wordt gekeken wat dat individuele jonge kind, op dat specifieke moment, in dat gezin, nodig heeft voor groei, ontwikkeling en welzijn.

De ouders worden beschouwd als deskundigen en hun informatie, hulpvraag en keuzes vormen het uitgangspunt van de begeleiding. De ToP kinderfysiotherapeut steunt de ouders met inspirerende informatie over ontwikkeling en met interventie suggesties die uitgaan van de eigen kracht van ouder en kind. ToP kinderfysiotherapeuten geven ook psycho-educatie en, indien nodig, hulp bij het vinden van professionele ondersteuning die buiten het werkterrein van de kinderfysiotherapeut ligt.

De kinderfysiotherapeut heeft naast een inhoudelijke taak ook een zorg coördinerende taak. Deze bestaat uit het afstemmen met andere zorgverleners en zorgprocessen, om doublures in de zorg te voorkomen en de draaglast van de ouders te verminderen.

 

Deelname

Deelname is mogelijk voor kinderfysiotherapeuten die:

  • Ervaring hebben met het begeleiden van zeer vroeg geboren kinderen en hun ouders.
  • Goede beheersing hebben van de Nederlandse taal, in woord en geschrift. Het maken van ouderverslagen is een belangrijk onderdeel van de ToP begeleiding.
  • Gemotiveerd zijn om te werken volgens de visie van het ToP programma.
  • Bereid zijn te investeren in de ToP opleiding ter voorbereiding op de uitvoering van het ToP programma.
  • Geregistreerd staan in het register van de Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg (het BIG register).
  • Geregistreerd staan in het Centraal Kwaliteitsregister Kinderfysiotherapie (het CKR).

 

Selectieprocedure

Het ToP programma is onderdeel van het basispakket van de  zorgverzekeraars. Ouders hebben dan ook recht op deze zorg en de zorgverzekeraars willen dat het ToP programma toegankelijk is voor al hun cliënten in Nederland.  Het EOP-nl streeft daarom naar een evenwichtige spreiding van ToP kinderfysiotherapeuten over het land. De selectie van deelnemers vindt zowel plaats op basis van geschiktheid en werksetting, als ook op basis van de behoefte aan ToP kinderfysiotherapeuten in het werkgebied van de deelnemer. Zie kaart voor een overzicht van de locaties waar reeds ToP kinderfysiotherapeuten werkzaam zijn,

In september 2018 zal een nieuwe opleiding starten. Deze opleiding zit vol. 

De eerstvolgende selectie voor deelname aan de ToP opleiding (start opleiding september 2019) vindt plaats eind januari 2019. Belangstellenden kunnen zich tussen 1 oktober 2018 en 1 januari 2019 aanmelden.

Bij de aanmelding wordt, naast een aantal contactgegevens, een digitale upload van een recente CV en een motivatiebrief verwacht.

Kinderfysiotherapeuten die eerder hebben gereageerd worden verzocht hun belangstelling voor deelname te bevestigen door een actuele versie van hun gegevens in te sturen.

De selectie voor deelname wordt gemaakt door het EOP-nl.

De geselecteerde therapeuten ontvangen begin februari 2019 een bericht van het EOP-nl dat zij zich kunnen inschrijven voor de ToP opleiding. Plaatsing voor deelname aan de opleiding is definitief na inschrijving voor de ToP opleiding en wanneer de opleidingskosten zijn overgemaakt.

 

Kennis en vaardigheden

De opleiding biedt de cursisten de mogelijkheid om hun inzichten en vaardigheden in de begeleiding van het vroeggeboren kind tussen 0-12 maanden en zijn/haar ouders te vergroten.

Het betreft een leerproces van toenemend zelfstandig handelen, leidend tot het uitvoeren van het ToP programma. Na afloop van de ToP opleiding heeft de cursist;

  • Relevante kennis over en inzicht in de neurobiologische ontwikkeling rondom de geboorte
  • Inzicht in de impact van vroeggeboorte en op het welzijn en de integrale ontwikkeling het kind
  • Inzicht in de impact van vroeggeboorte op het ouderschap
  • Vaardigheden in het observeren, interpreteren en aansluiten bij het gedrag van het jonge (vroeggeboren) kind
  • Competenties om de ouder-kind relatie en de ontwikkeling van het kind volgens de uitgangspunten van het ToP programma te ondersteunen
  • Competenties om problemen vroegtijdig te signaleren en te behandelen en/of adequaat te verwijzen bij problemen, die een risico vormen voor de ontwikkeling van het kind.
  • Competenties om de verzamelde gegevens te kunnen interpreteren en vertalen naar een heldere rapportage voor zowel professionals als ouders.

De competenties van de ToP opleiding kunnen aangevuld worden met persoonlijke leerdoelen die betrekking hebben op bovengenoemde competenties. Deze persoonlijke leerdoelen zullen door de opleiders gedurende het opleidingstraject door middel van individuele feedback nader worden gedefinieerd.

 

Inhoud

De opleiding bestaat uit contactdagen, literatuurstudie en praktijk opdrachten.

 

Contact dagen

 

Tijdsinvestering

84 uur (14 x 6 uur)

 

Programma

De opleiding bevat 14 contactdagen, waarvan de eerste twee dagen een theoretisch blok vormen. Tijdens de andere 12 bijeenkomsten wordt de ochtend besteed aan theorie en de middag aan het gezamenlijk bekijken en bespreken van de praktijkopdrachten. Een contactdag duurt gemiddeld 6 uur.

 

De volgende onderwerpen komen aan bod:

  • De neurobiologische achtergrond van de vroeg kinderlijke ontwikkeling
  • Het stress systeem en het oxytocine systeem
  • De ontwikkeling van het kind gedurende het eerste levensjaar
  • De ontwikkeling van zelfregulatie gedurende het eerste levensjaar
  • De impact van vroeggeboorte op de ontwikkeling van het kind
  • De impact van vroeggeboorte op de ouder
  • Ontwikkelingsgerichte zorg
  • De theoretische onderbouwing van het ToP programma
  • Het observeren en interpreteren van de lichaamstaal van het vroeggeboren kind tot de leeftijd van 12 maanden
  • Strengths-based interventie
  • Psycho-educatie
  • Testgebruik in het ToP programma tijdens het eerste levensjaar van het kind
  • Verslaglegging naar ouder en arts
  • De brede taakopvatting van de ToP kinderfysiotherapeut
  • De uitvoering van het ToP programma

 

Bij aanvang van de opleiding wordt het rooster en de ToP reader aan de cursisten uitgedeeld.

 

Literatuurstudie

 

Tijdsinvestering

60 uur (12 x 5 uur)

Op de contactdagen wordt literatuur opgegeven, ter voorbereiding op de volgende bijeenkomst.

 

Praktijkopdrachten

 

Tijdsinvestering

Circa 144 uur

 

 Inhoud opdrachten

  1. Een dagdeel meelopen op de Intensive Care of High Care van de afdeling Neonatologie van het ziekenhuis waarmee de cursist verwacht te gaan samenwerken.

Doel:

Een indruk krijgen van de impact van vroeggeboorte op het ouderschap. Hiertoe probeert de cursist zich in te leven in de ouder van het vroeggeboren kind.  

Tijdsinvestering:

6 uur.

  1. Een dagdeel meelopen met de follow-up poli Neonatologie van het ziekenhuis waarmee de cursist verwacht te gaan samenwerken.

Doel:

Een indruk krijgen van de korte en lange termijn gevolgen van vroeggeboorte voor ouders en kind. Hiertoe probeert de cursist zich in te leven in de ouder van het vroeggeboren kind.

Tijdsinvestering:

6 uur.

  1. Het reflecteren op het volgen en aansluiten op het gedrag van een kind. Dit houdt in dat de cursist gedurende het jaar 3 keer zichzelf laat filmen in interactie met een kind (leeftijd gecorrigeerd onder 1 jaar). Hierop reflecteert de cursist. 

Doel:

Het goed kunnen volgen en aansluiten op het gedrag van een kind.

Tijdsinvestering

9 uur

  1. Het volgen van de integrale ontwikkeling van een gezond kind in zijn/ haar eigen omgeving. Dit houdt in dat de cursist gedurende een jaar, eens per maand, het gezin bezoekt en hierover een verslag maakt. Het maandelijks verslag wordt toegevoegd aan het portfolio.

Doel:

Observeren van de integrale ontwikkeling van het kind in zijn/haar eigen omgeving.

Tijdsinvestering:

44 uur.

  1. Het samen met een medecursist maken van 2 observatieverslagen (1 vroeggeboren kind uit de eigen praktijk en 1 vroeggeboren kinderen uit de praktijk van de medecursist). 

Afhankelijk van de werkomgeving van de cursist wordt een bezoek bij ouder en kind afgelegd aan huis of in het ziekenhuis. Het hieraan gekoppelde observatieverslag bestaat uit de beschrijving van de voorgeschiedenis, een video opname, een gedragsanalyse en aanbevelingen voor de ouders. De verslagen worden gemaakt in samenwerking met een medecursist en na consensus ingeleverd bij de opleider. Na goedkeuring wordt deze toegevoegd aan het portfolio.

Doel:

  • Inzicht krijgen in de medische en sociale voorgeschiedenis van het vroeggeboren kind en het mogelijke effect op de huidige ontwikkeling.
  • Inzicht krijgen in de huidige integrale ontwikkeling door het verzamelen van gegevens uit de huidige situatie via de ouders (en eventueel andere professionals), door observatie van het gedrag van het kind en het gebruik van meetinstrumenten.
  • Het formuleren van ontwikkelingsdoelen van het kind en het bepalen van ingangen voor interventie door het ordenen van actuele informatie in een sterkte / kwetsbaarheden analyse.
  • Het samenstellen en formuleren van strengths-based aanbevelingen (of bevestigingen) ter ondersteuning van de ontwikkeling van het kind.

Tijdsinvestering:

16 uur.

  1. Het zelfstandig maken van 3 a 4 (afhankelijk van voortgang) observatieverslagen (van vroeggeboren kinderen uit de eigen praktijk). Afhankelijk van de werkomgeving van de cursist wordt een bezoek bij ouder en kind afgelegd aan huis of in het ziekenhuis. Het hieraan gekoppelde observatieverslag bestaat uit de beschrijving van de voorgeschiedenis, een video opname, een gedragsanalyse en aanbevelingen voor de ouders. Na goedkeuring door de opleider wordt deze toegevoegd aan het portfolio.

Doel:

Idem opdracht 5

Tijdsinvestering:

24 á 32 uur.

  1. Het vervolgen van 1 á 2 vroeggeboren kinderen uit de eigen praktijk gedurende 4 à 6 interventie sessies. Het benodigd aantal kinderen en interventies wordt afgestemd met de opleider (afhankelijk van voortgang). Van alle interventie sessies wordt een journaal en een ouderverslag ingeleverd. Bij deze praktijkdopdracht hoort een video-opname van jezelf gedurende de interventie en een artsenverslag.  

Doel:

  • Het volgen van de integrale ontwikkeling van een zeer vroeg geboren kind in zijn of haar thuisomgeving.
  • Kennis en vaardigheden kunnen integreren ter ondersteuning van ouder en kind volgens de uitgangspunten van het ToP programma.
  • De interpretatie van de verzamelde gegevens kunnen vertalen naar een heldere rapportage voor zowel ouders als zorgprofessionals.
  • Vroegtijdig signaleren en behandelen en/of adequaat verwijzen bij problemen, die een risico vormen voor de ontwikkeling van het kind.

Tijdsinvestering:

20 a 30 uur

  1. De opleiding sluit af met de presentatie van een persoonlijke reflectie op de opleiding en het eigen werk. Tijdsinvestering 1 uur.

 

Portfolio en communicatieve competenties

De uitgewerkte opdrachten vormen samen het portfolio van de cursist. De cursist wordt daarbij individueel begeleid door een opleider/coach. Dit portfolio en de communicatieve vaardigheden worden op verschillende momenten tijdens de opleiding en aan het eind beoordeeld door het docenten team, aan de hand van te voren opgestelde criteria.

 

Cursus voorbereiding

Ter voorbereiding op de opleiding vragen wij de cursist het volgende:

 

- Lezen van de volgende literatuur:

  • Van de website www.developingchild.harvard.edu, hoofdstuk 1 uit het report: From Best Practices to Breakthrough Impacts -

    A Science-Based Approach to Building a More Promising Future for Young Children and Families. Zie hier het pdf bestand.

  • Van de website van het NCJ het manifest: 1001 kritische dagen. Zie hier het pdf bestand.

 

- Aanschaffen van de volgende literatuur:

Deze literatuur is zeer waardevol om als informatiebron te raadplegen gedurende de opleiding. We adviseren de cursisten deze literatuur aan te schaffen:

 

- Video maken:

De cursist wordt gevraagd voorafgaande aan de opleiding een interactie van zichzelf met een kind (van maximaal 1 jaar) op video op te nemen. Deze video wordt bewaard en later in de opleiding gebruikt voor praktijkopdracht 4.

 

- Plannen maken uitvoering praktijkopdrachten:

De cursist wordt gevraagd alvast plannen te maken voor de uitvoering van bovengenoemde praktijkopdrachten 1, 2 en 3.

 

Tijdsinvestering:

 20 uur.

 

Certificering

Certificering volgt wanneer de cursist minimaal 13 contact dagen heeft bijgewoond en het portfolio en de communicatieve competenties als voldoende zijn beoordeeld. Certificering leidt tot de mogelijkheid om deel te nemen aan het ToP programma als ToP kinderfysiotherapeut. Voor deelname aan het ToP programma is registratie in het kwaliteitsregister van het KNGF nodig. Op de laatste dag van de opleiding worden de diploma’s uitgereikt en volgt een feestelijk afsluitingsdiner.

 

Opleiders

Drs. Monique Flierman, Hoofd opleiding, ToP kinderfysiotherapeut, pedagoog

Drs. Ellen van Dam, ToP kinderfysiotherapeut, bewegingswetenschapper

Esther van der Heijden, ToP kinderfysiotherapeut

Drs. Marjolein van Velsen, ToP kinderfysiotherapeut, pedagoog

 

Gastdocenten

Dr. Martine Jeukens, senior onderzoeker EOP-nl AMC

Dr. Cornelieke  Aarnoudse - Moens, Postdoc onderzoeker afdeling neonatologie AMC.

Dr. Aleid van Wassenaer, kinderarts neonatoloog AMC.

Dr. Joke Wielenga, verpleegkundig wetenschappelijk onderzoeker AMC.

Esther van Ijken, logopediste in praktijk Samsam te Purmerend.   

 

Verwachtingen

Wat de cursist mag verwachten van de opleiders.

Naast kennis overdracht is er veel aandacht voor de individuele begeleiding van de cursist.

Na de eerste twee contactdagen zal iedere cursist een opleider toegewezen krijgen als coach. Van de opleider/coach kan verwacht worden dat deze begeleiding biedt op afstand, via e-mail , telefoon of Skype. Op de contactdagen is er in onderling overleg gelegenheid om voorafgaand of aansluitend aan het dagprogramma een persoonlijke afspraak te maken met de coach. Daarnaast is de coach het vaste aanspreekpunt voor de cursist.

De opleider/coach geeft feedback op de ingeleverde opdrachten, volgt en stuurt het ontwikkelingsproces van de cursist. De tussentijdse en eindbeoordeling wordt gedaan door het docententeam.

 

Wat het EOP-nl mag verwachten van de cursist.

We verwachten dat de cursist voldoet aan de selectiecriteria voor deelname aan de ToP opleiding. Gedurende de opleiding wordt verwacht dat de cursist de mogelijkheid heeft om vroeggeboren kinderen aan huis te begeleiden t.b.v. het uitvoeren van de praktische opdrachten, eventueel startend in het ziekenhuis. De praktijkopdrachten worden voor een deel in duo’s gemaakt. De cursist moet daarom bereid zijn samen te werken met verschillende collega cursisten, op verschillende locaties. Daarnaast moet de cursist gedurende de opleiding ook zelfstandig 1 of 2 kinderen in een interventie traject kunnen volgen.

Het reflecteren op eigen werk met behulp van video’s maakt een belangrijk deel uit van de opleiding.

We verwachten van de cursist dat hij/zij voldoende tijd vrijmaakt om de opgegeven literatuur te lezen en alle benodigde opdrachten te kunnen voldoen. Veel van deze literatuur komt uit internationale tijdschriften waarvoor voldoende beheersing van de Engelse taal nodig is. Ook verwachten we affiniteit en bereidheid om te werken volgens de uitgangspunten van het ToP programma, zie de zorgtaken van de ToP kinderfysiotherapeut.

 

Accreditatie

De totale tijdsinvestering is ongeveer 308 uur. De ToP opleiding is in het deelregister Kinderfysiotherapie bij het KNGF voor 302 punten geaccrediteerd.

 

Kosten

De opleidingskosten bedragen 5250 Euro, inclusief ToP reader, koffie, lunch, thee en een diner ter afsluiting.

Indien de cursist aanvullende ondersteuning van de opleiders nodig heeft om de persoonlijke leerdoelen te behalen, zullen hiervoor aparte afspraken  worden gemaakt. De extra kosten die dit met zich meebrengt, zullen in rekening worden gebracht. Ook wanneer door omstandigheden de opleiding niet kan worden afgerond in het betreffende studiejaar zullen voor een vervolgtraject de kosten in rekening worden gebracht. In alle gevallen geldt dat de afronding moet plaatsvinden binnen 1 jaar na het eind van de opleiding waarvoor de cursist was ingeschreven. 

Indien in de loop van de opleiding problemen ontstaan, zullen deze doorgaans in overleg met de coach kunnen worden opgelost of bijgestuurd. Zo nodig kunnen problemen worden voorgelegd aan het hoofd van de opleiding. Indien er geen oplossing gevonden kan worden, wordt advies ingewonnen bij de directeur van het Expertisecentrum.

 

Aantal deelnemers

Per cursus worden maximaal 12-14 deelnemers opgeleid.

 

Locatie

De bijeenkomsten worden gehouden in Grand cafe Zo te Amsterdam vlak naast het AMC

 

Meer informatie

Voor meer informatie over de opleiding en het ToP programma kunt u contact met

 

E-mail: opleidingtopprogramma@amc.uva.nl

Expertisecentrum Ontwikkelingsondersteuning Prematuren

Afdeling revalidatie / AMC

T.a.v. E..M. van Dam, A01- 386

Meibergdreef 9

Postbus 22660, 1100DD Amsterdam